| Wat Gerard Beense als Stadsdichter van Lelystad schrijft | ||||
Agoragrond De eerste opdracht die ik als Stadsdichter ontving was een gedicht schrijven over het slaan van de eerste paal voor het nieuwe Stadstheater. In de overpeinzingen die daarop volgden werd mijn gevoel continu geleid door de gedachte dat het moest inhaken op 'Het Agoragevoel', een gedicht dat ik in juni vorig jaar heb geschreven, kort voor aanvang van de sloop van de oude Agora. De plek waar de Agora stond had in mijn beleving een toch wat nostalgische waarde. Dat op dezelfde plaats ook het nieuwe theater zou gaan verrijzen maakte die locatie exclusief en gaf het een aureool van aan cultuur gewijde grond. De titel 'Agoragrond' was dan ook het eerste woord wat op papier stond. Het gedicht zelf refereert aan een brokje historie van een jonge stad, de bijzondere plaats die het Agoratheater zich daarin eigen heeft gemaakt en de intentie om dat, zelfs nadrukkelijker dan voorheen, met een nieuw Stadstheater, te continueren. Bovendien spoort het aan om getuige te zijn van, en mee te wandelen met, nieuwe schreden op het oude pad. Dat de vermaarde acteur Willem Nijholt op 4 maart het gedicht, voorafgaand aan het slaan van de eerste paal declameerde, en met name ook dat laatst genoemde aspect van het vers in zijn voordracht op voortreffelijke wijze uitdroeg, beschouw ik als een eervolle aanvaarding van mijn eerste officiële Stadsgedicht. |
||||
Agoragrond voor
een geheel opnieuw gebouwde Agora,
Kom bij ons staan!
Kom bij ons staan!
Kom bij ons staan! ©
Gerard Beense |
![]() |
|||
![]() |
||||
![]() |
||||
Thuis in het Inloophuis Vrijdag 18 maart vierde het Inloophuis in Waterwijk haar 15-jarig bestaan. De aanloop naar mijn aanwezigheid daar als Stadsdichter van Lelystad, begon enkele weken geleden met het rinkelen van mijn mobieltje, na thuiskomst van een bezoekje aan Omroep Flevoland waar ik als gast van een radioprogramma was uitgenodigd. Het was iemand van de omroep. Kort na de uitzending had een mevrouw gebeld die graag mijn telefoonnummer wilde hebben. Om reden van privacy werd dat haar echter niet gegeven. Maar als ik haar te woord wilde staan dan kon ik meteen met haar doorverbonden worden. Aldus geschiedde. Het bleek mevrouw Frida Veldman te zijn uit Waterwijk. En zij vertelde me dat het Inloophuis in Waterwijk op 18 maart van dit jaar het 15-jarig bestaan zou gaan vieren. Aanvankelijk had ze het plan geopperd om als dank en waardering voor de werkzaamheden van de vele vrijwilligers op dat feestelijk moment een bloemetje aan te bieden. Doch na de het radioprogramma beluisterd te hebben waarin ik als gast aanwezig mocht zijn, bedacht ze dat een gedicht toch veel aardiger zou zijn. Of ik als Stadsdichter bereid was mijn poëtische gave daarvoor beschikbaar te stellen. Het telefoontje leidde naar en plezierig gesprekje bij haar thuis waar zij vertelde reeds een aantal jaren regelmatige bezoekster van het Inloophuis te zijn. Je kon er elke dag terecht voor een kopje koffie, elke week op donderdag een warme maaltijd gebruiken en op de laatste zondag van de maand kon men er smakelijke soep eten, zo liet ze weten. De wijze waarop haar verzoek tot stand kwam, haar oprechte dankbaarheid en het originele idee om bij zo'n gelegenheid eens geen bloemetje maar een gedicht te geven, deed me natuurlijk in de pen klimmen. Bovendien, de onbaatzuchtig inzet van de vele medewerkers van het Inloophuis in Waterwijk, verdiende met zo'n jubileum toch zeker aandacht voor waardering. Daarnaast is het mijn taak als Stadsdichter van Lelystad zekere memorabele momenten in onze stad met poëzie te markeren. Vandaar dat mevrouw Frida Veldman dit gedicht, na mijn voordracht, als haar persoonlijke blijk van dank en waardering, keurig ingelijst, kon aanbieden aan de medewerkers van het Inloophuis in Waterwijk. Uiteraard met de felicitaties voor het 15-jarig jubileum. |
||||
|
Thuis in het Inloophuis Ter
gelegenheid van het 15-jarig bestaan Aangeboden door Frida Veldman. Al
vijftien jaar staat elke dag
|
||||
Verdragen van Verscheidenheid De herdenking van de gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog wordt zestig jaar na dato in een breder perspectief geplaatst. Ook zij die na het einde van WO II het leven hebben gegeven in hun strijd voor de vrijheid worden herdacht. Voorts wordt in deze herdenking het multiculturele aspect van onze samenleving sterker dan voorheen benadrukt. |
||||
op 4 mei 2005 in Lelystad niet
kwijt. |
||||
Klare WijnDonderdagavond 19 mei heb ik als Stadsdichter van Lelystad in het Stadhuis het gedicht ‘Klare Wijn' voorgedragen. Dit gedicht heb ik gemaakt naar aanleiding van de ingebruikname van het Opinieplein, een plek en gelegenheid in het Stadhuis van Lelystad waar burgers en politici met elkaar in debat kunnen gaan over zaken die zij belangrijk genoeg achten om publiekelijk aan de orde te stellen. Tot en met november van dit jaar vindt er elke maand zo'n debat plaats. De winnaar van het debat krijgt het gedicht ‘Klare Wijn', ingelijst en genummerd naar de beperkte oplage, als prijs aangeboden. |
||||
Klare WijnTer bevestiging van het betrachten en willen tonen dat in Lelystad, mensen met verschillende gedachten kunnen werken en wonen. Bij de ingebruikname van het Opinieplein in het Stadhuis van Lelystad. Hier staat u dan op het Opinieplein, een zeepkistplek waar iedereen, groot of klein, spreken kan, over zaken, die je persoonlijk in het stadsleven raken. Dit Opinieplein is een teken van bereikbaar zijn voor ideeën die je niet met z'n tweeën, maar met velen wilt delen. Een plek op politiek terrein dat ook de makers van beleid, muziek in het oor moet zijn als ze willen luisteren naar dat wat burgers en overheid soms doet scheiden van elkaar. Spreek hier, zonder schromen en laat op dit Opinieplein, voor elke leek, de klare wijn maar stromen. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, april 2005
|
||||
Die Jazzy-sfeer, hij is er weer Zondagavond 22 mei was ik als Stadsdichter van Lelystad uitgenodigd in De Studio's aan het Maerlant om er het gedicht ‘Die Jazzy-sfeer, hij is er weer' voor te dragen. Dit gedicht heb ik geschreven naar aanleiding van het feit dat er sinds geruime tijd weer een gelegenheid in Lelystad is waar liefhebbers van jazz terecht kunnen. Een plaats waar met live-optredens elke maand een keer op zondag van jazz genoten kan worden. De Lelystadse zanger/componist Martin Weber heeft van dit gedicht een jazzy song gemaakt. |
||||
Die Jazzy-sfeer, hij is er weer.Bij het verwelkomen van Jazz-Sessions in DE STUDIO'S in Lelystad.Yes, ik hou van zo'n plekkie waar onder het genot van een sigaret of van een shaggie, van een glaasje whisky, wijn, een biertje, een witte of rode port, fijn van Jazz genoten wordt. Zo'n rokerige lokaliteit waar een, soms ook rokerige, stem een sfeer verspreidt waarin geen lied je niet in het hart kan raken. Waar de tuba en de bas, je naar een danspas leidt, die wat je dacht en had verwacht, laat zweven naar een werkelijkheid waar de tijd van toen, naar nu is gedreven. Waar het ons is gegeven, dat piano en trompet, gitaar en saxofoon, Miles Davis en Nina Simone, een duo of sextet, hand in hand met Armstrong, Dulfer en Reys, een soms kort en soms grijs, verleden, laten vibreren in het heden. Waar de improvisatie blijft verkeren met klanken en tonen waarin je heerlijk weg kunt dromen, waarin verlangen met adoreren, onbevangen wordt uitgestort. Yes, ik hou van zo'n plekkie waar onder het genot van een sigaret of van een shaggie, van een glaasje whisky, wijn, een biertje, witte of rode port, fijn van Jazz genoten wordt. Die Jazzy-sfeer, hij is er weer. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, mei 2005
|
||||
Zo'n Haringdag in Lelystad Op woensdag 8 juni werd bij de Bakvis op het Noorderwagenplein in Lelystad voor de 22e keer de Haringhappening gehouden. Tijdens dit inmiddels tot een traditie uitgegroeid haringfeest wordt een vaatje Hollandse Nieuwe aangeboden aan een bekende Nederlander, veelal een artiest. In voorgaande edities waren dat o.a. Jan Blaaser, Koos Alberts, Ted de Braak, Bueno de Mesquita, Piet Römer, Mies Bouwman, Carry Tefsen, Imca Marina, Harry Slinger, Ria Valk, René Froger en vele anderen. Dit keer mocht de zangeres Bonnie St. Claire het vaatje Hollandse Nieuwe in ontvangst nemen. Tal van haar voorgangers waren daarbij aanwezig. Als Stadsdichter van Lelystad mocht ik deze gebeurtenis natuurlijk niet onvermeld laten. Vlak voor dat Bonnie St. Claire het vaatje haring kreeg heb ik dit gedicht voorgedragen. |
||||
Zo'n Haringdag in LelystadBij de 22ste Haringhappening van de Bakvis in Lelystad,ter gelegenheid waarvan de zangeres Bonnie St. Claireeen vaatje Hollandse Nieuwe aangeboden krijgt.Een ieder die van haring houdt is al tweeëntwintig jaar vertrouwd met het weten dat in Lelystad de Haringhappening voor elke Lelystedeling een dag is om bij de Bakvis op het Noorderwagenplein te zijn. Om samen met Ton van Oosten en Marja en Jan Luyken op de komst van een tonnetje Hollandse Nieuwe te toosten enn weer even in traditie te duiken. Iedereen mag dan komen kijken, proeven, smullen en laten blijken dat zo'n haringdag in Lelystad bijzonder is en dat haring ook gezonder is dan een broodje bal. Maar bovenal, ú weet het al, komt die haring nooit alleen met een glaasje wijn of bier omdat de vis moet zwemmen. Er is muziek en zang, plezier met lied na lied van bekende stemmen. En er is er géén die zich niet door haring en door liedjes, en even gaan in nostalgietjes, heerlijk laat verwennen. Zo'n haringdag in Lelystad, het is alom bekend, is ieder jaar een fijn festijn, waar je, zelfs als je een bakvis bent, toch altijd bij moet zijn. Oja, er is nóg een weten dat ik met u wil delen. Zometeen komt… Bonnie, buiten spelen. En klinkt straks, misschien vanaf het toneel, in een, wat verwarde taal: Er zit een graatje in mijn keel, dan roept u natuurlijk allemaal: Zit dokter Bernhard in de zaal? © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 8 juni 2005 |
||||
Te Weinig of Genoeg Op vrijdag 10 juni vierde de STEL, de Stichting Eerstelijnsgezondheidszorg Lelystad haar 25-jarig bestaan. Reeds kort na mijn benoeming als Stadsdichter van Lelystad werd ik door de STEL benaderd met de vraag of ik, ter gelegenheid van dat jubileum, een gedicht wilde schrijven. Uiteraard heb ik aan dat verzoek voldaan. Tijdens de receptie die op de 10e juni in restaurant Willem Barentsz van Natuurpark Lelystad werd gehouden, heb ik dit gedicht voorgedragen. |
||||
Te Weinig of Genoeg Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van STEL, de Stichting Eerstelijnsgezondheidszorg in Lelystad Is de kern van dit gedicht het gaan naar 25 jaar zorg voor gezondheid in onze stad? Of moet ik als dichter het licht laten schijnen, op gezondheid en haar eigen gezicht dat nimmer zal verdwijnen? Is het belangrijk om te weten dat een kwart eeuw terug in Lelystad de Eerstelijnsgezondheidszorg in 't Wold begon, en zich bij aanvang vestigen ko in vier gewone woningen, met een wachtkamer in een schuurtje? Dat de eerste artsen daar, menig uurtje voor het slapen in de nacht, in een slaapzak hebben doorgebracht? Dient aan dit vers te worden toevertrouwd dat op zeker moment Gezondheidscentrum 't Woud werd gebouwd? En is u bekend dat al enkele jaren na die tijd, zo'n centrum voor Gezondheid ook in Waterwijk is gekomen? En dat dit STEL, zo heb ik voorts vernomen, vorig jaar werd uitgebreid met Gezondheidszorg in Lelystad-Haven Of ik nog meer over STEL heb aan te dragen? In dat geval wijs ik graag naar het begin, naar de zin waarin u lezen kunt, of in dit gedicht de blik aan het verleden moet worden gegund, of dat het moet worden gericht op zaken die met het kijken naar gezondheid hebben te maken. U ziet, ik heb gewikt en gewogen maar, ik ben toch gezwicht voor het streven, dat het zicht in dit gedicht, toch nog even, moet worden omgebogennaar,wat gezondheid ons persoonlijk bericht. Gezondheid is geen doods gegeven, gezondheid is het zelf beleven van een veelal wisselende staat, van ongemak en overdaad aan pleziertjes en pijntjes die soms vroeg, soms laat, soms grof, soms fijntjes, zegt tegen lichaam en geest: Het is te weinig of het is genoeg geweest. .© Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 10 juni 2005 |
||||
Een Diner voor Twee Ook op 10 juni trad de Lelystadse wethouder van Financiën Albert Kok in het huwelijk met Conny Douw van der Krap. De heer Chris Leeuwe, burgemeester van Lelystad, voltrok dit huwelijk. Op speciaal verzoek heb ik dit gedicht met een persoonlijk tintje voor het bruidspaar geschreven. Burgemeester Leeuwe heeft het tijdens de huwelijksvoltrekking voorgedragen. |
||||
Een Diner voor TweeStadsgedicht ter ere van het Huwelijk van Albert Kok en Conny Douw van der Krap Een huwelijk is als een diner voor twee, met een menu dat ingrediënten vereist waarin met name de saus als een jus, heel bepalend bewijst hoe het smaakt, hoe het proeft, wat zo met zorg bij elkaar is gevoegd. Geen Kok zal Krap zijn met saus die naar de tafel gaat, waar een maaltijd aan zal vangen die zoveel gangen beslaat dat je van te voren nooit kan weten wanneer je ooit bent uitgegeten. Soms is het Luilekkerland en soms is het peentjes zweten, als je de vingers hebt gebrand en niet proeft maar voelt wat met een pittig sausje wordt bedoeld. Een Kok die is gewend elke cent om te draaien, durft ook met lof te zwaaien, kan heel knap met Krap om gaan en weet dat zuinigheid vlijt is, als hij maar altijd bereid is klaar te staan om de saus te maken die de maaltijd van gang tot gang en van toetje tot toetje, blijvend doet smaken. En dat is iets waar dat diner voor twee, in beginsel al om vroeg, immers Krap is niet weinig, Krap is genoeg. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, 10 juni 2005
|
||||
Een File van Voorbije Tijden Zondag 19 juni mocht ik de 21ste Nationale Oldtimerdag in Lelystad openen met het voor deze gelegenheid geschreven gedicht 'Een File van Voorbije Tijden'. |
||||
Een File van Voorbije Tijden Ter gelegenheid van de 21ste Nationale Oldtimerdag in Lelystad
Er is één dag in het jaar dat op de Lelystadse dreven, oude tijden herleven als daar achter elkaar, voitures van voorheen passeren en het verre verleden, even terug doen keren naar het oog van vandaag, waar de blik zich graag laat leiden naar een file van voorbije tijden. Automobielen die niet vervielen in vergaan, vergetelheid, die de tijd trotseerden die met elke kilometer of mijl passeerde. Zie ze staan. Zie ze rijden. Zie ze showen dat, in Lelystad, een vervlogen verleden meer omvat dan iets van voorbijgaande aard. Hier wordt getoond dat hun tijd van toen, ook voor de toekomst blijft bewaard. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 19 juni 2005
|
||||
Tekenen met Woorden Op donderdag 30 juni mocht ik samen met Robin Bakker, een leerling van 't Schrijverke, en de tekenaar Fleix Quërain in de bibliotheek van Lelystad een prijs uitreiken in het kader van de Kansrijke Taalwedstrijd, georganiseerd door de SOL, de Stichting Onderwijsvoorrang Lelystad. Deelnemers waren leerlingen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar van de GOA-scholen. De opdracht was een poster maken. Dat mocht zijn een gedichtenposter, een interessante poster of een woordenschatposter. Samen met mocht ik in de jury plaats nemen. Van de 54 inzendingen heben we 4 eervolle vermeldingen toegewezen. De eerste prijs ging naar de poster met poëtische tekst 'De Draak', gemaakt door groep 1 en 2 van de katholieke basisschool Lateare. Voor de prijsuitreiking heb ik het gedicht 'Tekenen met Woorden' gemaakt en natuurlijk aan de kinderen voorgedragen. |
||||
Tekenen met woordenBij de prijsuitreiking van de Kansrijke Taalwestrijd 2004-2005 van de Stichting SOL voor Lelystadse scholen in de bibliotheek te Lelystad Spelen met taal is tekenen met woorden. Dat kan in een gedicht of in een verhaal, iets met woorden doen dat kunnen we allemaal. Kijk maar eens naar praten. Echt, als je iets wilt zeggen, of uit wilt leggen, dan kun je het praten niet laten. We zijn er aan gewend, of je nu zeven bent, of twintig, negen of elf, praten gaat bijna vanzelf. Schrijven is praten met potlood of pen. Je kunt bijvoorbeeld schrijven, ik ben Jaap of Marijke en ik ben tien jaar, zo, de eerste zin is klaar. En Jaap rijmt op slaap en Marijke op kijken en raken op daken. Het valt best mee een rijmpje te maken. Jaap heeft slaap, Of Marijke zit televisie te kijken. Een goed begin voor de eerste zin van een gedicht of een verhaal. Kijk, dat is spelen met taal. Met een beetje fantasie Kunnen we het allemaal. Over fantasie gesproken, Wie heeft er nog nooit gedroomd van spoken of van staan op de maan. Echt, in je fantasie kun je overal heen gaan, Kun je filmster zijn, ook al ben je groot of klein. Waar je wilt daar kun je komen, je kunt zelfs praten tegen bomen. Weet je, het is gewoon een beetje dromen, dromen over je liefste wens, echt waar, dromen dat doet ieder mens. Over een reisje naar een ver land, of smullen van een ijsje op het strand. En als je kan schrijven wat je allemaal ziet, kun je er heel lang blijven en vergeet je niet, als je het nog een keertje leest, dat je er zelf bent geweest. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, 9 juli 2005
|
||||
Waarachtig Op vrijdag 8 juli mocht ik als stadsdichter een expositie openen van Eshter Teule en Menno Baars bij Omroep Flevoland in Lelystad. Ter gelegenheid daarvan en als openingshandeling heb ik het gedicht 'Waarachtig' voorgedragen. Een haiku liet ik daaraan voorafgaan. Omroep Flevoland ethermediumbestaan voor Flevolanders |
||||
Waarachtig Als kunst een bevlieging is dan wil ik graag een vogel zijn. Als kunst water is dan wil ik graag een stroom zijn. Als kunst adem is dan wil ik graag lucht zijn. Als kunst vuur is dan wil ik graag de vlam zijn. Als kunst een leugen is dan wil ik graag een bedrieger zijn. Als kunst een manier van kijken is dan wil ik graag de blik zijn. Als kunst bestaan is, dan leef ik, als een vogel, als een stroom, luchtig, als een vlam, als een bedrieger, als een blik, als in een droom. © Gerard Beense Stadsdichter van Lelystad |
||||
Aan weten vrijgegeven Op zaterdag 10 juli heb ik als stadsdichter bij de opening van de expositie 'Vergaan in de Gouden Eeuw' in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad het gedicht 'Aan weten vrijgegeven' voorgedragen. |
||||
Aan weten vrijgegevenBij de opening van de tentoonstelling ‘Vergaan in de Gouden Eeuw' in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad.Eeen kostbare bodemschat is niet altijd aan zilver of goud gebonden, soms wordt het, zoals hier in Lelystad, op een plaats waar eens de zee heeft geraasd, als vergaan maar nog steeds bestaand, eeuwenoud hout gevonden. Hout dat eens werd gebruikt voor de bouw van een schip dat plots uit het voormalig slib van een drooggelegde zee opduikt. Een vaartuig dat eeuwen geleden, tegen wind en golven heeft gestreden, in haar gaan verging, met als lading, een lang verborgen gebleven zicht op leven dat ver in het verleden ligt. Het laat ons zien dat, waar voordien de zee soms nam van, wat voorbij kwam in haar zilte stromen, in vergeten is gestort, door Nieuw Land waar nu mensen wonen, aan weten vrijgegeven wordt. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 9 juli 2005
|
||||
Neerlands Meester der Mimiek Op 19 augustus overleed in Lelystad op 87-jarige leeftijd de vermaarde artiest Bueno de Mesquita. Daags voor zijn overlijden was ik nog even bij hem op bezoek. Bueno was een goede vriend maar ook Ambassadeur van Lelystad. Als vriend en als Stadsdichter heb ik dit gedicht ter herinnering aan hem geschreven en voorgedragen tijden de crematieplechtigheid op 24 augustus. |
||||
Neerlands Meester der Mimiek In herinnering aan Abraham Bueno de Mesquita, een man, klein van gestalte maar met een groot aandeel in het leren leven met een lach. Een artiest, een kunstenaar, Lid in de Orde van Oranje Nassau en Ambassadeur van Lelystad Een cello met één snaar en het trekken van gekke bekken, dat is waar een man in een oorlogsjaar het behoud van leven in zag, vertrouwd werd met leven als artiest, als kunstenaar en het schenken van een lach. Hij danste, zong, speelde zijn muziek, wist mensen, te imiteren, te motiveren, talenten tot sterren te transformeren, werd zelfs buiten onze grenzen Neerlands Meester der Mimiek. Hij toonde komedie, dramatiek, kon het als eenheid presenteren, maar bleef daarbij altijd een man die dat nooit deed ten koste van Hij wist dat overleven lag in leren leven met een lach, zonder te kleineren, dat een traan een ander pad kan gaan, uitzicht biedt aan een ieder die ook humor ziet en iets van leven met een lach verlangt. Bueno, bedankt. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, 24 augustus 2005 |
||||
In het Hart van eens een Zee Gedicht op 23 september voorgedragen tijdens de officiele overdracht van het standbeeld van Cornelis Lely aan Nieuw Land Erfgoedcentrum. Het standbeeld is vervaardigd door de beeldhouwer Piet Semeijn Esser. De overdracht geschiedde in het bijzijn van zijn kinderen en kleinkinderen. |
||||
In het Hart van eens een Zee Bij de plaatsing van het door Piet Semeijn Esser vervaardigd standbeeld van Cornelis Lely aan de kust van Lelystad. Hier staat Lely, aan een kust, in het hart van eens een zee, bij een dijk die het Nieuw Land omvat, ontstaan naar zijn idee. Zijn blik bestrijkt een bakermat waarmee hij is vervlecht, en aanschouwt wat is gedaan nadat een zee is heengegaan en land werd blootgelegd dat hij in brons betrad. Zie hem hier voor altijd staan, aan de zoom van een stad, verbonden met zijn naam. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 23 september 2005
|
||||
Een Onuitwisbaar Gegeven Gedicht geschreven ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de Gemeente Lelystad |
||||
Een Onuitwisbaar Gegeven Bij het 25-jarig bestaan van de gemeente Lelystad Daar waar land en water elkaar raken is eens een stad ontstaan, een plaats waar mensen werken, wonen, overal kwamen ze vandaan. Ze zijn er neergestreken omdat die plek in het hart van Nederland, van Flevoland, een nieuw beginnen bood, een pioniersgeest had, nieuw land ontsloot dat nauw verwant aan water is. Nu, jaren later is die stad, gebouwd met Lely's naam, gegroeid en opgebloeid naar 25 jaar bestaan, geboortegrond van vaders en moeders, dochters en zonen, een stad naar waar nog steeds, uit alle windrichtingen, nieuwe Lelystedelingen komen die tonen dat hier een samenleving is, waar ruimte voor nieuw streven is, nieuw leven is, en het een onuitwisbaar gegeven is dat hier, met elkaar, al 25 jaar, Lelystadse geschiedenis geschreven is. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad,
27 september 2005
|
||||
Zonder Onderscheid Een gedicht geschreven ter gelegenheid van 'babsendag' in Lelystad. Een 'babs' is een Bijzondere Ambtenaar Burgerlijke Stand, een trouwambtenaar. Meta Jacobs, een 'babs' in Lelystad, vroeg mij een gedicht voor deze bijzondere bijeenkomst te maken. Dit gedicht heb ik voorgedragen tijdens de 'babsendag' in Lelystad op 10 oktober in het stadhuis van Lelystad. |
||||
Zonder Onderscheid Ter gelegenheid van babsendag´, een bijeenkomst van Flevolandse trouwambtenaren in Lelystad , 10 oktober 2005
Ik zou met jou het weten willen verspreiden over een maatschappij waarin een ieder die er leeft, beroemd of onbekend, ten allen tijde de mogelijkheid heeft, te kunnen zijn wie je bent. Waar het een gegeven is dat leven delen voor velen het streven is naar vervulling van dromen over altijd samen zijn, en samen komen tot een staat waarin het houden van elkaar een gevoel is dat nooit overgaat. Waar het liefdesleven van een paar met een ja-woord wordt verheven boven twijfel, dat onzekerheid aanduidt, zelfs boven, zwaarder wegen, uitstijgt en daarvoor de zegen krijgt van een samenleving die besluit, zonder enig onderscheid, een relatie te accepteren waarin het naast gelijkheid ook verschillen wil waarderen.
Ja, ik zou met jou het weten over dit bestaan, willen delen met een ieder die in samen leven voort wil gaan. © Gerard BeenseStadsdichter van Lelystad
|
||||
Als een paal boven water Een gedicht geschreven ter gelegenheid van Het Klimaatsyposium Flevoland, op 12 januari 2006 voorgedragen in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad. |
||||
Als een paal boven water Ter gelegenheid van het Klimaatsymposium Flevoland in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad Over het leven en het klimaat wordt veel geschreven en gepraat, met name, als het om, overleven gaat. Immers, en dat staat nu nog, als een paal boven water, als we vandaag niet zorgen dat er voor morgen en ook voor later, een leefklimaat bestaat waarin het eigengewin, opgaat in de gemeenschapszin van een samenleving die de gehele wereld beslaat, die, waar je ook bent, van mens en dier, van al wat leeft, van u, van mij is, ontstaat er een moment dat leven geen zin heeft, dat het allemaal voorbij is. Over het leven en het klimaat wordt veel geschreven en gepraat, maar waar het daarbij feitelijk om gaat is het durven stellen van een daad en doen wat voor leven naar later moet worden gedaan. Laat dat gegeven als een paal boven water staan. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 12 januari 2006
|
||||
Agoragrond 2 Een gedicht geschreven ter gelegenheid van het bereiken van het hoogste punt van het in aanbouw zijnde nieuwe stadstheater van Lelystad, op 19 januari 2006 voorgedragen tijdens een feestelijke bijeenkomst in Hotel Mercure in Lelystad. |
||||
Agoragrond 2 Bij het bereiken van het hoogste punt in de bouw van een nieuwe Agora, Stadstheater van Lelystad. Kom en kijk hier, naar Agoragrond. Kijk naar die plek waar het slaan van een eerste paal plaatsvond voor een stadstheater dat het hart van Lelystad verwarmt als het straks kunst en cultuur omarmt. Kijk naar die plek en ontdek, nu, nog geen jaartje later, staat er, een kaal en grijs, aan steigers gebonden gebouw, in schoonheid nog beperkt, maar toch, met een vlag in top, als teken van een schouderklop voor een ieder die er aan heeft gewerkt en dus het pannenbier wordt gegund met het bereiken van het hoogste punt. Kom en kijk hier, naar Agoragrond, zie wat is gedaan. Aanschouw dit pand in opbouw want, hier in het Stadshart komt, als straks de steigers zijn gegaan, een Stadsdiamant te staan. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, 19 januari 2006
|
||||
Een foto, zomaar een foto Een gedicht geschreven ter gelegenheid van de opening van de door wethouder Tjeerd van der Zwan officieel geopende foto-expositie 'Lelystad van Herfst naar Winter' van de Lelystadse fotograaf John Piebinga, voorgedragen in Hotel Mercure waar de expositie ook te bezichtigen is. |
||||
Een foto, zo maar een fotoBij ‘Lelystad van Herfst naar Winter', een foto-expositie van de fotograaf John Piebinga in hotel Mercure te Lelystad. beeld van een belevenis, een passeren dat beschreven is voor het oog, van u, van mij, bevroren blikken uit verstreken, een gebeurtenis, een jaargetij, een verstild moment van voorbij, vergleden in een tijd die was, maar even aan vergetelheid ontsnapt en in herinnering gebracht door een koestering van toen, een kijken dat iets bijzonders zag in het dansen van donker en licht, een moment, een vleugje van de dag, een vingerafdruk dat bericht van bijna vergeten en in een enkele oogopslag laat weten dat ergens op het belopen pad een flits van vervlogen is omvat. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 21 januari 2006
|
||||
Het Leeuwedeel Een gedicht geschreven ter gelegenheid van het afscheid van Chris Leeuwe als burgemeester van Lelystad. Voorgedragen op 25 januari 2005 in het Stadhuis van Lelystad. |
||||
Het Leeuwedeel Bij het afscheid van Chris Leeuwe als Burgemeester van Lelystad Als in de gemeente Lelystad het Leeuwedeel ten berde werd gebracht, dan was daar heel goed over nagedacht. Maar als u nu verwacht dat het dan om het merendeel ging, dan is dat een misvatting. Nee, als hier in Lelystad het Leeuwedeel ter sprake komt weet een goed verstaander terstond dat het niets met meer of minder dan de helft te maken heeft, het Leeuwedeel wordt hier anders beleefd. Het geeft inzicht op wat wij hier in Lelystad met een bijzondere bijdrage bedoelen. Bij deze woorden denkt menigeen wellicht meteen aan te kunnen voelen waar het Leeuwedeel om gaat, dat de betekenis wel zal stoelen op een mogelijk uitzonderlijke daad. Edoch, wie het Leeuwedeel goed verstaat, en het woord juist heeft gehoord en in tweeën deelt, weet dat de letter N er geen enkele rol in speelt. Zelfs als verbinding doet de N niet mee. Nee, het Leeuwedeel verkeert in een métier waar een zekere eigenschap op elke tree van de trap die gelopen wordt, gewogen wordt, aandacht krijgt, hangen blijft in een breder verband, van welke kant je het ook bekijkt. Natuurlijk, Lelystad is in de loop der tijd, met name de laatste tien jaar, met duizenden inwoners extra verrijkt. Het is een stad geworden waar men graag vertoeft. En het moge duidelijk zijn dat het geen betoog behoeft om te stellen dat burgemeester Leeuwe daar, zonder mitsen en maren, een belangrijk aandeel in had. In al die jaren heeft hij zonder schromen alom laten blijken dat in Lelystad mensen wonen die verder willen kijken. Dat de stad tijdens zijn tijd van verstopt en ver weg zijn is bevrijd, een ander aanzicht heeft gekregen, dat over het, naar Lelystad komen met lieslaarzen aan, inmiddels wel wordt gezwegen. Daar zijn we hem zeer erkentelijk voor, maar het Leeuwedeel, in dit gedicht gemeld, heeft een bredere betekenis, verdient een ander gehoor, is een belevenis voor elk luisterend oor dat zich alshetware verplicht heeft gesteld, voor strelen open te staan en het Leeuwedeel gewoon zijn gang te laten gaan. Een ieder die het weet, ziet het als juist als ik zeg, het Leeuwedeel geschiedt ogenschijnlijk voor de vuist weg. Als uit de losse pols geschud bewijst het zijn nut, weet het te boeien, te binden, laat het waardering groeien om respect te vinden. Nee, het Leeuwedeel heeft niets te maken met weinig of veel, dat mag best worden gememoreerd. Het Leeuwedeel verkeert, zoals eerder gezegd, in een ander métier, is niet aan klein en groot gelieerd, enfin, dat heb ik al uitgelegd. Het Leeuwedeel is bovendien allerminst vaag maar een duidelijk gegeven dat ik gaarne overdraag aan een ieder die met dat weten wil leven. Het Leeuwedeel is sinds vandaag, heel strikt genomen, een teken van hoe helder en hoffelijk iemand spreken kan. Leeuwedeel, zonder N, ik zeg het u maar, om spraakverwarring te voorkomen. © Gerard BeenseStadsdichter van LelystadLelystad, 25 januari 2006
|
||||
Waarom ik van Lelystad hou Dit gedicht heb ik geschreven ter gelegenheid van de installatie van Margreet Horselenberg als burgemeester van Lelystad. Op woensdag 1 februarie, tijdens een bijzondere raadsvergadering in het stadhuis, heb ik het voorgedragen. Ik begon mijn voordracht met felicitaties en de aankondiging van een liefdesverklaring.
|
||||
Waarom ik van Lelystad hou Bij de installatie van Margreet Horselenberg als nieuwe burgemeester van Lelystad Ik heb iets met Lelystad, wat, dat zal ik u verklaren. Het is een stad met nog ruimte zat, voor werken, wonen, leven met kunst en cultuur en vrije tijd ervaren in een natuur dat bijna spontaan ontstaan kan tonen, en water, heel veel water, en blauwe luchten vaak, en een standbeeld staat er van een man die gedurfde plannen had, die met zijn visie blijk gaf van een blik waarin u, waarin ik, krijgen aangereikt, dat meer kan dan zo op het eerste zicht mogelijk lijkt. Dat is een eigenschap van Lelystad, gestoeld op het idee dat geen zee te hoog is of we doen er wel iets mee. Kijk, daarom hou ik van Lelystad, en een ieder die laat blijken verder te willen kijken kan daar niet omheen. Zelfs als je uit het oosten komt dan zie je dat meteen. Dan stap je hier binnen met het besef, dit is pas een stad met lef. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 1 februari 2006
|
||||
Heremijntijd Gedicht, op speciaal verzoek geschreven ter gelegenheid van het afscheid van Rosita Monsato als communicatieadviseur van de gemeente Lelystad, op woensdag 8 februarie voorgedragen in The Classic. |
||||
Heremijntijd Stel, er is een vrouw, een moeder bovendien, een vrouw die onomwonden zegt: In het werk waar ik van hou heb ik het eigenlijk wel gezien, ik heb mijn blik verlegd.
Stel, er is een vrouw, modern gekleed, een vrouw die zeker weet, van luxe houdt en vakanties toevertrouwd aan verblijven achter de kim, een vrouw die met haar kinderen op safari gaat, het oude jaar uit en het nieuwe jaar in.
Stel, er is een vrouw voor wie het niet raar is als het werk vandaag, in plaats van morgen klaar is, een vrouw die apathisch blijkt voor iets dat al te bureaucratisch lijkt.
Stel, er is een vrouw, zelfbewust en doelgericht, een vrouw die ongevraagd steeds wisselende kleding draagt, wat dominant wellicht en zelden scheutig met geduld, de aangenomen taak vervult zolang de uitdaging maar ligt, in het gestelde doel bereiken, niet terug in het zicht maar bezig zijn met verder kijken.
Zo'n vrouw, die zegt al gauw: Heremijntijd, er zit meer in het leven dan het begeven in gezapigheid, ik ben gedreven in het doen wat ik kan. Wat zal mij beletten de bakens te verzetten. Ik doe de stoute schoenen an en trek mijn eigen plan. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 8 februari 2006
|
||||
Bladeren in wat is geweest Bij de presentatie van het burgerjaarverslag van de gemeente Lelystad over het jaar 2005. |
||||
Bladeren in wat is geweest Er gaat geen dag voorbij of er gebeurt wel wat in Lelystad, iets dat u en mij, soms wel, soms niet naar het weten voert van wat ons wel en soms ook niet beroert. Er gaat geen dag voorbij of er wordt in onze stad geschiedenis geschreven over om het even wat. Ook vorig jaar is dat gedaan, een tijd van vijfentwintig jaar bestaan en even stilstaan bij het feit dat een stadhuiselijk ontbijt het gevoelen deed ontwaken dat wie hier woont toch iets bijzonders heeft met Lelystad. Het wordt getoond met zomaar wat grepen, geplukt uit het leven van alledag, beschreven in een jaarverslag waarmee een ieder die het leest, dat wat was, weer even kan benaderen, met bladeren in wat is geweest. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, maart 2006
|
||||
Je zit daar ook voor mij Voorgedragen bij de installatie van de nieuw gekozen Gemeenteraad op donderdag 16 maart 2006 in het Stadhuis van Lelystad. |
||||
Je zit daar ook voor mij De uitslag van het stemgedrag heeft u hier bijeengebracht als het resultaat, van keuzes maken, vergelijken, en heel veel heen en weer gepraat. Nu zit u in de Raad. Het slechts praten in je eigen straat is vanaf vandaag voorbij. Waar het nu om gaat is dat een burger zegt: Je zit daar ook voor mij. Indien dat wordt uitgelegd als rekening houden met, dan geef je als Raad, heel duidelijk aan, dat een echte democraat ook minderheden wil verstaan. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 16 maart 2006
|
||||
Vooruit! Komaan! Ter gelegenheid van het afscheid van de Lelystadse wethouders Ruud Bootsma en Jaques Mattie |
||||
Vooruit! Komaan! Er is een tijd van komen en er is een tijd van gaan, maar als je dat laatste hebt gedaan, breekt ook de tijd van komen weer aan. Van stappen op een ander pad, een andere weg inslaan die je gaandeweg wel vertelt wat, je voorafgaand aan dat gaan, wel of niet, over dat pad gedacht had. Je hebt een keuze gedaan en bent na veel, of misschien wel weinig vragen, het pad ingeslagen waarop we nu even stil blijven staan. Een pad dat er soms uitziet als een banaan, nog in een schil gevat, waarin niet te verbergen is, dat het een pad met dalen en bergen is, met vrolijke verhalen, maar soms ook, zelfs erger is dan ergernis, als je van groen naar geel wil gaan, met toch die glimlach op je toet die zegt, dat wat erger is, er eigenlijk niet toe doet omdat je weet dat je op dat pad ook dat andere wel ontmoet. Maar goed, wat is geweest dat is gedaan. We moeten maar stoppen met stil blijven staan. Ik zou zo zeggen, en ik doe dat toch, een beetje ingehouden spontaan: Vooruit! Komaan! En… gaan met die banaan! © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 31 maart 2006
|
||||
Een Vorstelijk Gevoel Voorgedragen tijdens het vieren van Koninginnedag in hotel Mercure te Lelystad. |
||||
Een Vorstelijk Gevoel Een verjaardagsfeest vieren we het meest in huiselijke kring. Maar als het om de verjaardag gaat van onze Koningin, dan beginnen we dat feest, thuis wellicht eerst wat bedeesd, maar daarna, soms laat, soms vroeg, met elkaar, gezamenlijk en genoeglijk in de kroeg. En vervolgens zijn we uitbundig op straat waar bijna iedereen in oranje gaat, en we feesten op het plein, gewoon omdat we met onze vorstin beslist trots en tevreden zijn. Als moeder van het vaderland is zij er mee vertrouwd, het gevoel en verstand bijeen te binden waarop saamhorigheid is gebouwd. Zij weet als geen ander de weg te vinden die mensen samen brengt in het blijven streven naar, durven leven met elkaar. hoe anders je ergens ook over denkt. Ze staat achter mensen die dat echt willen, met al hun culturele verschillen. Het is daarom dat zo'n Koninginnedag, er voor iedereen zonder meer wezen mag. En zelfs zij, die dat laatste niet zo zien, drinken misschien, met al die franje en glitter, toch stiekem hun oranjebitter, ook al zit er een dubbele bodem in. Op Beatrix, onze vorstin. Leve de Koningin. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 29 april 2006
|
||||
Ook hier, in het nu Bij de officiéle opening van de Herbergbrouwerij Klokbier in Lelystad. De bij Swifterbant ontdekte resten van het Klokbekervolk, bekend geworden als de Swifterbantcultuur, liggen ten grondslag aan de naamgeving van het in Lelystad gebrouwen bier. Dit gedicht mocht ik voordragen bij de opening. |
||||
Ook hier, in het nu Zet de klok maar stil, of zo u wilt, de tijd. Ga even mee, terug naar voorheen, zeg maar, pakweg, kort na begin van eeuwigheid. Luister mee. Hoor! Klok! Klok! Klok! Inderdaad. Het is een teug. Een slok, dat meer dan slechts alleen, de dorst van dorstigen bestrijdt. Ik hoor een lach. Plezier. Vertier. Geen gezeur. Getreur. Ruik toch! Die geur! Warempel! Het is bier! Klok! Klok! Klok! Kling! Kling! Kling! Hoor je het nog! Kom maar naar hier! Hoor! Kling! Kling! Kling! Jazeker. Dat is klinken. Beker tegen beker, goed gevuld met bier. Slok! Slok! Slok! Ik hoor ze drinken. Ik hoor zelfs lachen van plezier. Kom. We gaan terug. Zet de klok weer aan en laat de tijd maar verder gaan. Maar, doe het vlug, want zo meteen hoor je die, slok hier. En vergeet die beker maar vat het glas want het is zeker, ook hier, in het nu, vindt u, Klokbier. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 17 mei 2006
|
||||
Waar vogels in vrijheid vliegen Bij het thema ‘Vogels' van de Avondvierdaagse in Lelystad. Voorgedragen bij de start op de vierde dag. |
||||
Waar vogels in vrijheid vliegen Met wandelen in Lelystad kom je er al heel snel achter dat, wie hier, in het hart van Flevoland woont, heel plezierig wordt beloond met ruimte, veel groen en frisse lucht. Je ziet er vogels in hun vrije vlucht, vliegen van dak naar dak, van boom naar boom, van tak naar tak, van kleur naar geur en naar al wat groeit en bloeit De natuur geeft ons in Lelystad het weten wat fijn wonen is. Met die vele bossen en het weidse water om ons heen, en een stad die het leven daar, opvat met ruimte geven aan elkaar, weet iedereen die hier wandelt meteen, waar vogels zich zo vrolijk tonen en vrijelijk vliegen door de wijken, daar moeten zeker mensen wonen, die, net als vogels, in alle vrijheid, altijd verder willen kijken. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 18 mei 2006
|
||||
De Zoom van Lelystad Beschouwing bij de uitbreidingen aan de kust van Lelystad |
||||
De Zoom van Lelystad Beschouwing bij de uitbreidingen aan de kust van Lelystad Daar waar de kust in het blikveld ligt, en rust en ruimte het zicht verlicht op het buiten van een stad, wordt ons de mare geopenbaard, als het bericht van besloten en toch open waarin je telkens weer opnieuw ontwaart, dat de zoom van Lelystad, van vrijheid verklaart en meer moois omvat dan men ooit had durven hopen. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 19 mei 2006
|
||||
Spelen kun je ook met taal Voorgedragen bij de prijsuitreiking van de Kansrijke Taalwedstrijd 2005-2006 van de Stichting SOL voor Lelystadse Scholen in de Bibliotheek van Lelystad |
||||
Spelen kun je ook met taalKinderen die plezierig kunnen spelen zullen zich natuurlijk nooit vervelen. Dat weten we allemaal. Maar spelen kun je ook met taal. Een verhaaltje verzinnen of een liedje zingen over de zon of de maan dat heeft iedereen wel eens gedaan. Zinnetjes maken die rijmen op elkaar lijkt misschien een beetje raar maar het is ook leuk en soms lig je van het lachen in een deuk. Want op poep rijmt ook snoep en iedereen zal wel weten dat je het ene niet en het andere wel kan eten. En soms kun je iets onthouden maar ook vergeten.
En tekenen is heel anders dan rekenen, dat weet iedereen meteen. En je vriendjes iets vertellen is heel anders dan even met opa en oma bellen. En netjes op de deur kloppen is anders dan je vinger in je neus stoppen. Wie heeft dat nog nooit gedaan? En wie heeft er ooit wel eens op tafel gestaan? Met je schoenen aan! En iedereen weet ook wel dat als ik ga fluisteren, je heel goed moet luisteren om te horen wat ik vertel.
Luister. Er was eens een jongetje dat maakte een sprongetje met een zak patat. En er was eens een meisje dat smulde van een ijsje dat ze van papa en mama had gehad. En ze stonden alle twee met hun voeten in de zee. En de jongen viel plat op zijn gat en zijn patat werd helemaal nat. Nee, hij was echt niet zo blij. En weet je wat het meisje zei? Wat ben jij toch een dom joch! Ik heb lekker mijn ijsje nog. Best leuk hoor dat rijmen. Maar, kom allemaal eens dichter bij me. Ik heb namelijk vernomen dat er zo meteen een prijsuitreiking gaat komen. Met een prijs voor de beste tekenaar en voor de beste dichter, echt waar. De winnaars? Ik weet wel wie. Maar dat zeg ik lekker nu nog nie. Dat laat ik over aan de jury want die hebben met elkaar bekeken wie het beste kan rijmen en wie het beste kan tekenen. Is de jury klaar? Goed. Vertel het ons dan maar. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 15 juni 2006
|
||||
Het Geheim van Lelystad Ter gelegenheid van de manifestatie ‘Het geheim van Lelystad' nabij Bataviahaven. Voorgedragen tijdens een boottocht over het Markermeer nabij Bataviahaven nabij Lelystad. |
||||
Het Geheim van Lelystad Kom vrienden, luistert. Er wordt in Lelystad gefluisterd over een geheim waar steeds meer mensen nieuwsgierig naar zijn. Hier en daar wordt voorzichtig beweerd dat het over iets gaat dat Lelystad ontbeert. Zo werd in de Kempenaar zeer behoedzaam gepraat over dat er een voetbalstadion zal komen. Maar in de Muntstraat werd gezegd, dat is natuurlijk niet waar, dat zijn gewoon Kempenaarse natte dromen. Nee, wij hier zijn er van overtuigd dat er een plan is om een echte rivier naar onze stad te laten stromen. En op het Lelycentre werd het geheim toegelicht als zijnde dat Den Haag eindelijk is gezwicht voor de realisatie van een plan om een brug te bouwen van Lelystad naar Amsterdam. Dat bericht is niet te vertrouwen, zo wordt gehoord in Lelystad-Haven. Er wordt geen brug gebouwd maar een tunnel gegraven. In de Landerijen gaat het van mond tot mond dat er een vrijplaats voor veilig vrijen komt. En bewoners van de Groene Velden weten niet minder fluisterend te melden, dat er diep onder de Lelystadse gronden, resten van Atlantis zijn gevonden en dat de stad in zijn geheel verhuizen gaat. In de Archipel wordt niet verzwegen dat er ergens vanuit die wijk signalen naar de ruimte zijn verzonden, en dat er een buitenaards antwoord is verkregen, Een gerucht dat als een tang op een varken slaat, zo wordt op de Stelling en op de Schans gehoord. nee, zo weet men daar met zekerheid, er wordt in Lelystad een gat in de grond geboord dat helemaal naar China leidt. Sinds de tijd van het Flevoland van lang geleden zo wordt in de Punter fluisterend bericht, staat het Almaarse Godenrijk van de God Almare op het punt zich opnieuw te openbaren, het Vaticaan zou vanuit Lelystad zijn ingelicht, maar de Paus vindt de onthulling zeer omstreden en is voor die nieuwe waarheid nog niet gezwicht. In de Gondel en nabij de Batavia wordt bijna onverstaanbaar gefluisterd dat men ook in Rusland en Amerika naar al die beweringen heeft geluisterd. Ze bellen zich rot naar minister Bot in Den Haag met de vraag, wat het Geheim van Lelystad nu werkelijk is. Gebakken vis, zo heeft Bot voorzichtig verklaard. Maar het is juist die behoedzaamheid waar Bush zich blind op staart, want hij heeft Poetin gebeld en hem verteld dat er toch iets bijzonders moet zijn met het Lelystads Geheim dat zo weid en zijd wordt verspreid. Ook Poetin heeft zijn bezorgdheid getoond over dat contact van een Lelystedeling met een beschaving die buiten de Aarde woont. Voorts heeft Bush niet vergeten Poetin met nadruk te laten weten dat wat hem betreft die Almaarse Goden mogen worden verboden. Beiden hebben daarna de handen ineen geslagen om een antwoord te krijgen op alle vragen die met het Geheim van Lelystad zijn ontstaan. Tijdens de G-8, zo hebben beiden bedacht, zal er door hen nader op in worden gegaan. Heus, in Den Haag worden ze bloednerveus, alleen al bij de gedachte dat ze in Washington en Moskou niet langer op onthulling willen wachten, en wat gebeuren kon als zou worden uitgelekt, dat het Geheim van Lelystad was ontdekt. De BVD trilt en rilt bij het idee, dat ons land elk moment kan worden overspoeld door geheim agenten van CIA en KGB, En dat is exact wat met het Geheim wordt bedoeld, aldus gniffelt men heimelijk op de Meent, dat is waar het Geheim werkelijk op stoelt, dat hebben wij al lang aangevoeld. Dat Geheim is gewoon onruststokerij zo menen ze op de Hoek van 't IJ, er is toch niemand die al die onzin gelooft! Maar ja, zo lang iedereen zich nog steeds uitslooft om er een vinger achter te krijgen blijft het aantal geruchten stijgen. Zo wordt ergens in Lelystad gesteld dat het Geheim reeds in alle openheid is verteld. Dat elke oplettende blik al heeft aanschouwt wat het geheim ons zo simpel heef toevertrouwd. Dat eigenlijk iedereen nu al kan zeggen wat in het Geheim van Lelystad verborgen zat. En daarmee is het geheimzijn voorbij, zo kun je nuchter horen op de Grietenij. Maar, ook dit bericht is slechts een mare dat denkt het Geheim te kunnen verklaren. Uit het Vaticaan, zo vertellen ze op de Waddenlaan, is vernomen dat de Paus naar Lelystad zal komen. Hij wil de Almaarse Goden op blote voeten begroeten, zo hoor je daar met stelligheid beweren, om zichzelf alsnog te bekeren. Wie de verteller van dit verhaal zou zijn, behoort wellicht ook tot het Grote Geheim dat in Lelystad rondwaart, over water vaart en vrijmoedig verklaart nabij dijken en dreven, wat het Geheim van Lelystad prijs wil geven. Doch, onder ons gezegd en gezwegen, ook dat is een gerucht waar je mee moet leren leven. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 16 juli 2006
|
||||
Over Lelystad Gesproken Ter inspiratie voorgedragen bij de Werkconferentie 'Lelystad, Voor wie verder kijkt' in het Nieuw Land Erfgoedcentrum |
||||
Over Lelystad Gesproken Ik ben een Lelystedeling in al wat ik doe. U toch ook? Of…. nog niet! Ik bof. Ik geef het toe, doch wellicht ligt het voor u nog verborgen in het verschiet. Want Lelystad heeft iets wat, onweerstaanbaar is voor een ieder, die van vandaag naar morgen en nog verder ziet. In het hart van Nederland is Lelystad, een Waterstad, een Zee-van-ruimte-stad, een Oostvaardersplassenstad, een Schone stad, een Groene stad, een stad met een icoon als de getrouwe replica van het VOC-schip de Batavia, een stad met een luchtvaarthistorisch Aviodrome. Een Klokbierstad, een Erfgoedstad, een stad van ommekeer, een stad aan IJsselmeer en Markermeer waar je telkens weer, wordt verrast met een zicht, dat op verder kijken is gericht. En stad waar het tekenend is dat het ontvouwen van voortvarendheid iets vanzelfsprekend is. Een stad met Ir. Lely in zijn naam. Een stad waar een wil tot voortgaan is ontstaan dat blijft beklijven bij een ieder die daarin mee wil gaan. Ik ben een Lelystedeling, in al wat ik doe. Ik geef toe, ik heb geen idee hoe het anders te omschrijven. Ik ben een Lelystedeling. U toch ook? Of…! Ach, dat komt nog wel, dat is elke Lelystedeling bekend. Als je hier eenmaal bent dan valt het muntje snel. Dan heb je de kern van dit kort betoog, heel rap in het oog, dan snap je meteen, hier in Lelystad kun je alle kanten uit maar ga en sta je nooit alleen. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 14 juli 2006
|
||||
Ik ben een Nederlander Ter gelegenheid van de Nationale Naturalisatiedag, voorgedragen tijdens een bijeenkomst in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad |
||||
Ik ben een Nederlander Ik mag en wil er op vertrouwen dat ik in dit land, waar eens een Willem van Nassaue, de aanzet gaf tot een saamhorigheid dat heeft geleid naar vrijheid in verbondenheid, deel kan zijn van wat wij in elkander herkennen als een Nederlander, niets meer of minder dan een ander mens maar wel een deelgenoot in de wens om verder te kijken dan de eigen grens.
Ik ben een Nederlander, een Flevolander bovendien. Ik heb een band met dit land waarin ik de ruimte heb gezien die elke zin van mijn bestaan de vrijheid geeft om voort te gaan met al wat ik ben en al wat ik doe met al wat ik ken.
Ik ben een Nederlander, en een Europeaan. Maar ook een Wereldburger met een eigen stem die verbonden in vrijheid wil verstaan. U kunt er op vertrouwen en ik zal er voor waken om dat bezit van identiteit te behouden en nimmer kwijt te raken. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 24 augustus 2006
|
||||
Verhalen over LelystadVoorgedragen bij de presentatie van ‘Het Verhaal van Lelystad' en de start van de Vertelkaravaan op het Stadhuisplein. |
||||
Verhalen over LelystadDe geschiedenis van een stad wordt door de mensen gemaakt en geschreven die er wonen, werken en leven en door hen die er een binding mee hebben gehad. Dat geldt ook voor de stad waarin wij verblijven, waar wij elke dag, met elkaar, een stukje geschiedenis schrijven. Het zijn veelal de alledaagse dingen die ook voor ons als Lelystedelingen, bepalen wat onze stad betekent in het bestaan waarin wij van huis naar werk, naar school, moskee of kerk, naar soos, café of sportclub, of gewoon uit winkelen gaan. En stad met een eigen cultureel elan waarover je altijd wel iets vertellen kan.
Het bijzondere van Lelystad echter is dat de weg die leidt naar haar prille begin, toch wel wat korter en rechter is dan het vaak langere en kronkeliger pad dat terugvoert naar het ontstaan van menige andere doch oudere stad. Tal van Lelystedelingen hebben nog persoonlijke herinneringen uit de periode waarin de historie van onze stad aanving. Vertel en verhaal uit die tijd. Onthul en zorg dat het niet in vergetelheid glijdt
Ook zij die later zijn gekomen, kunnen hun betrokkenheid met de geschiedenis van Lelystad tonen en hun beleven als Lelystedeling kwijt, met verhalen in de Vertelkaravaan die door alle delen van onze stad zal gaan. Laat horen wat u heeft beleefd in een stad die naar willen weten en naar niet mogen vergeten streeft. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 1 september 2006
|
||||
Over de Vrijheid van Kunst Vorig jaar mocht ik de Poëzieprijs 2005 van de Kunstmanifestatie Lelystad-Haven in ontvangst nemen. Uit dien hoofde was het mij vergund dit jaar de 10e Kunstmanifestatie Lelystad-Haven te openen. Ik deed dat met het voordragen van dit gedicht. |
||||
Over de Vrijheid van Kunst Bij de opening van de 10e Kunstmanifestatie in Lelystad-Haven. Muziek, beeldende kunst, poëzie, het zijn de drie pijlers die, al tien jaar lang in Lelystad-Haven, de sfeer van een Kunstmanifestatie uit dragen waarin menige Lelystedeling, en velen die van buiten komen, de zin van creativiteit verbinden met vrijheid die de geest kan vinden in denken, doen en durven dromen.
Kunst lacht om gemanipuleerde denkpatronen, kunst maalt niet naar zichzelf verschonen, kunst geeft uiting aan, anders durven kijken, anders durven verstaan, even anders met de blik omgaan. Muziek geeft ruimte aan dansende tonen, aan klanken die in vrijheid wonen en zweven naar elk gemoed waarin niks moet maar mag, soms met een traan en soms met een lach.
Een schilderij, een tekening, een beeld van steen, van hout, of zelfs van ander materiaal gebouwd, laat ons soms het vertrouwde zien en brengt ons soms ook tot de vraag, zou het misschien iets anders zijn, ook al is het nog zo vaag. Het dwingt tot denken en blijft constant wenken naar het verschuiven van grenzen in het doen en laten van mensen.
En elk gedicht is een bericht, geschreven vanuit een geest die onbevreesd uiting geeft, aan wat iemand beweegt bij het beschouwen van zin en onzin dat in ieder van ons leeft.
Kunst is een manifestatie van creatie, van manipulatie, van spelen met klanken, van spelen met woord en beeld en beweegt zich altijd naar de flanken van de fantasie van een ieder die maar het behouden van verandering streeft.
Ziet het aan, hoort het aan, laat kunst zijn eigen gang maar gaan. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 2 september 2006
|
||||
Kijk er naar Op woensdag 20 september mocht ik bij de opening van de Atelierroutte Lelystad en de ter gelegenheid daarvan gepresenteerde expositie dit gedicht voordragen. De Atelierroute vind ik een geweldig initiatief dat recht doet aan het verlangen van talloze kunstenaars in Lelystad om hun kunstwerken meer onder de aandacht van belangstellenden te brengen. |
||||
Kijk er naar Bij de opening van de Atelierroute Lelystad en de ter gelegenheid daarvan gepresenteerde expositie in het CKV in Lelystad Kunst is met cultuur verweven. Kunst geeft uiting aan willen leven met een blik die is gericht op een zicht waaruit kan blijken dat je tal van zaken die je raken ook anders kunt bekijken, daar waar het oog de ruimte vindt en al wat los lijkt toch verbindt met een gedachte, een idee dat zich met inbeelding omringt. Het is daar waar de kijker en de kunstenaar elkander treffen zonder expliciet te zeggen waar het gemoed bewogen is, of zelfs vervlogen is in een moment waarin geen van beiden zichzelf herkent. Kunst is met cultuur verweven, soms duurt het lang en soms maar even. Zie het aan en blijf er hier, en ook daar, altijd even stil bij staan en kijk er naar. Misschien dat dan ontluikt wat wellicht nimmer in vergetelheid duikt. © Gerard Beense Stadsdichter van LelystadLelystad, 20 september 2006
|
||||